• Het kabinet kan niet steeds meer regels maken,
    en de kosten bij de burger neerleggen.

  • Wordt een rechtszaak voor bijna 40% van alle Nederlanders te duur?

  • Nog meer bezuinigen op de rechtsbijstand?

Reactie adviescie Asiel- en Immigratie NOvA op kabinetsstandpunt rechtsbijstand

De adviescommissie asiel- en vreemdelingenrecht van de Nederlandse orde van advocaten (hierna: de NOVA) heeft kennis genomen van de inhoud van de brief van de Minister van Veiligheid en Justitie aan de Tweede Kamer d.d. 31 mei 2016, met als onderwerp: kabinetsreactie rapport “duurzame rechtsbijstand”.

In het bijzonder vanuit het perspectief van de advocatuur die werkzaam is in het asiel- en vreemdelingenrecht, reageert de commissie hierbij specifiek op twee onderwerpen die genoemd worden in de brief:
1)     900 punten als maximum;
2)    Mogelijke trajecttoevoegingen voor asiel.

Ad 1: 900 punten als maximum
De commissie verzet zich tegen invoering van de nieuwe maatregel waarbij door de rechtshulpverlener per jaar nog slechts 900 punten verkregen/gedeclareerd kunnen worden.

Anders dan bij veel andere rechtsgebieden zijn asieladvocaten – naar de aard van hun clientèle en de aard van hun praktijk – niet in de positie om hun praktijk aan te vullen met vergelijkbare betalende zaken. Asielzoekers hebben geen geld en komen bovendien altijd in aanmerking voor gefinancierde rechtshulp. Ditzelfde geldt voor het gros van de reguliere verblijfszaken dat gevoerd wordt: in de meeste gevallen gaat dit om zogenaamde ‘humanitaire gronden’, zoals de aanvragen om een reguliere verblijfsvergunning vanwege ziekte (artikel 64 Vw en vergunning medische behandeling), staatloosheid, (vergunning buiten schuld), of omdat ze slachtoffer zijn van mensenhandel.

Een substantieel deel van deze reguliere vreemdelingen verblijft illegaal in Nederland, dat wil zeggen: zonder vergunning, zonder opvang, zonder eten of drinken, geen inkomen. Voor veel van deze mensen wordt noodgedwongen nihilstelling gevraagd voor de eigen bijdrage bij de Raad voor Rechtsbijstand, en van het griffierecht voor de procedures bij de rechtbank en de Raad van State. Om deze mensen betalend bij te staan, om de 900 punten “aan te vullen”, is daarmee naar zijn aard geen optie.

De asielinstroom is de afgelopen 1-2 jaren hoog geweest. Die hoge instroom leidde in de hele keten tot capaciteitsproblemen (IND, COA, VVN, KMAR, politie, etc.). De asieladvocatuur had geen capaciteitsproblemen en kon de hoeveelheid aangeboden werk opvangen, hoewel het ook hier inmiddels begon te knijpen. Binnen de advocatuur is besproken  of – en zo ja, hoe – er meer asieladvocaten opgeleid moesten worden en instromen op de distributieroosters (van de Raad voor Rechtsbijstand) die bestaan voor de IND-Aanmeldcentra. Nu de instroom wat terug zakt, is voor ons het gevaar van een te lage capaciteit voorlopig geweken. Die situatie is evenwel niet stabiel. Op dit moment bevinden zich tienduizenden vluchtelingen uit Syrië/ Iran/Irak/Afghanistan achter de gesloten grenzen op de Balkan. Door alle ketenpartners (inclusief de IND) wordt geanticipeerd op het scenario dat deze grenzen op enig moment alsnog opengaan, waarbij deze grote groepen dan alsnog doorstromen richting West-Europa. Mede met het oog op het mogelijk ontstaan van een dergelijk scenario blijft het cruciaal dat de huidige populatie asieladvocaten niet zal afnemen maar ten minste constant blijft.

Wanneer het maximum gevolgd wordt van 900 punten, betekent dat voor een asieladvocaat een maximale jaaromzet van 95000,=.  Let wel: een maximale omzet, niet de winst, en laat staan: het inkomen. Van dit bedrag moeten nog personeelskosten en kantoorkosten, belastingen, opleidingskosten, pensioenvoorzieningen en premies voor aansprakelijkheid en de arbeidsongeschiktheidsverzekering worden betaald. De commissie signaleert dat de Commissie Wolfsen in haar onderzoek nadrukkelijk niet asiel- en vreemdelingenrecht separaat heeft betrokken, zoals dat wel is gebeurd voor het strafrecht en het personen- en familierecht. Het door de Commissie Wolfsen voorgestelde maximum van 900 te declareren punten is gebaseerd op de aanname dat iedere advocaat 25% van zijn declarabele uren op betalende basis doet of kan doen.

De commissie wijst in dit verband op het onderzoek dat in 2013 werd uitgevoerd in opdracht van de NOVA door Deloitte (“Rapportage Deloitte Kostprijsonderzoek Sociale Advocatuur”, publicatie 14 november 2013). Deloitte becijfert het gemiddelde inkomen van een advocaat werkzaam binnen de sociale advocatuur bijvoorbeeld voor 2012 op € 58000,=, en in 2010 zelfs € 44000,= (zie pagina 20 van eerder genoemd rapport).

De NOVA heeft de afgelopen jaren, onder meer samen met de Raad voor Rechtsbijstand en het Ministerie van Veiligheid en Justitie, ingezet op verhoging van de kwaliteit van de rechtsbijstand binnen asiel- en vreemdelingenrecht. Dit is geen rechtsgebied dat een advocaat “er even bij kan doen”. Constante nascholing en specialisatie zijn vereist. Hierop is door alle partijen serieus geïnvesteerd. Wanneer nu gewerkt zou gaan worden met de genoemde 900-punten norm, is een groot deel van de bijzondere kwaliteitszorg voor niets geweest. Immers, op 900 punten kan een kantoor feitelijk niet draaien. Een advocaat wordt gedwongen om andere rechtsgebieden erbij te gaan doen, waardoor het niveau van bijzondere specialisatie zal afnemen (je kunt niet 100% inzetten op kennis/opleiding/ervaring op asiel- en vreemdelingenrecht, en daarnaast ook nog 100% op andere zaken). Juist met het oog op de bijzondere kwetsbaarheid die samenhangt met deze clientèle, moet worden voorkomen dat deze mensen niet de maximale en meest optimale rechtshulp ontvangen.

Het inzetten van een 900-punten maximum zal er verder ook toe leiden dat de meeste advocaten in het tweede deel van het kalenderjaar vol zitten, en dus geen zaken meer kunnen aannemen – hetzij straf, hetzij asiel, etc. Een dergelijke maatregel legt in feite bijna alle rechtsgebieden lam.

De commissie signaleert nog een ander probleem bij het hanteren van de 900-punten norm: op voorhand valt niet in te zien hoeveel punten een toevoeging oplevert (bv 4 bij Dublinzaken, 8 bij een inwilliging, en 12 bij een volledige AA procedure met voornemen/zienswijze). Het declareren van bijvoorbeeld 100 toevoegingen kan leiden tot 400 punten, tot zelfs 1200 punten. Met een trajecttoevoeging zal dit verschil nog groter worden. Dit is niet in te passen in een systeem met slechts 900 te declareren punten.

Tot slot concludeert de commissie nog dat het instellen van een 900 punten-maximum geen enkele bezuiniging genereert, maar eerder meer kosten veroorzaakt. Immers, er komen niet minder asielzoekers en vreemdelingen naar Nederland vanwege deze maatregel, dus de omvang van het werk blijft gelijk. De kwaliteit van de rechtshulp wordt nu gecontroleerd door onder meer de NOVA en de Raad voor Rechtsbijstand. Dit met name via de inzet van inschrijvingsvoorwaarden. Het verdelen van het werk over meer advocaten, betekent meer controles op meer verschillende kantoren. Ook resulteert dit in verlies van zittingscapaciteit op de rechtbanken, omdat nu vaak meerdere zaken van één advocaat achter elkaar gepland kunnen worden. Dat zal bij verdere versnippering steeds vaker niet mogelijk zijn.

Ad 2: Mogelijke traject toevoegingen voor asiel
Op pagina 14 van de brief d.d. 31 mei 2016 staat vermeld dat de Minister wil onderzoeken of het voor asielrecht mogelijk is om trajecttoevoegingen af te geven. Dat wil zeggen dat alle werkzaamheden die ten behoeve van één enkele asielzoeker worden verricht, binnen één en dezelfde toevoeging zouden vallen. Deze suggestie wordt gedaan naar analogie van de plannen zoals die kennelijk bestaan voor personen- en familierecht. Het werken vanuit trajecttoevoegingen bij asiel is geen optie. Er zijn te veel verschillende trajecten en procedures om daar een soort grote gemene deler uit te halen die dan de norm zou moeten zijn voor een trajecttoevoeging.

Bij brief van 27 november 2015 heeft de Staatssecretaris het zogenaamde 5-sporenbeleid geïntroduceerd. Vanuit dit beleid worden asielzoekers die instromen in de Nederlandse procedure gedistribueerd naar verschillende “sporen”. Een deel hiervan betreft sporen ten behoeve van een versnelde procedure (bijvoorbeeld spoor 1 en 2 bij Dublin of veilige landen van herkomst), een ander deel (bijvoorbeeld spoor 4) betreft afdoening van “gewone” AA-zaken.

Bij de omvang van de zaak (en dus ook van de verschillende procesonderdelen) speelt niet alleen de verdeling per spoor een rol, maar ook het verschillende landgebonden beleid zoals dat geldt per herkomst-land. Bijvoorbeeld: voor Afghanistan geldt bijzonder beleid ten aanzien van verwesterde meisjes en bekeerlingen, Iran kent bijzonder beleid voor homo’s en bekeerlingen. Rwanda, Irak en Somalië kennen verschillend beleid voor verschillende provincies in het land, en Rusland kent a-grond beleid voor homosexuelen, etc.

Een trajecttoevoeging leidt tot problemen met de vrije advocaatkeuze. Immers, wanneer iemand eenmaal wordt bijgestaan door een bepaalde advocaat, en die advocaat ziet geen mogelijkheden meer om die bijstand te continueren, of de vreemdeling wil zelf liever naar een andere advocaat, dan is dat bijna niet mogelijk. Allereerst omdat dit in veel gevallen wordt verhinderd door de 900-punten norm; in de tweede helft van het jaar zal een steeds grotere groep van asieladvocaten al “vol” zitten. Daarbij zijn ook asielzoekers en vreemdelingen verplicht een eigen bijdrage te betalen bij het verhuizen naar een andere advocaat. Geld dat deze mensen dus niet hebben. Op dit moment kan dat voorkomen worden doordat cliënten wachten totdat het betreffende deel van de procedure is afgesloten. Wanneer ze dan verder willen procederen (bijvoorbeeld het instellen van beroep of hoger beroep), kunnen ze een andere advocaat raadplegen zonder dat dit problemen oplevert met een extra eigen bijdrage voor de mutatie van de toevoeging. Bij een trajecttoevoeging kan dat niet.

CONCLUSIE
Uiteraard dient ook bij de advocaten in asiel- en vreemdelingenrecht sprake te zijn van een gezonde bedrijfscultuur. De afgelopen jaren zijn reeds doeltreffende maatregelen ingezet om de kwaliteit van deze advocaten te kunnen blijven garanderen. Hiermee wordt tevens gegarandeerd dat door de overheid gefinancierde rechtsbijstand kan worden verleend aan deze kwetsbare groep cliënten.

Het is cruciaal dat ook in de 2e helft van elk kalenderjaar nog rechtsbijstand verleend kan worden aan vluchtelingen en anderen die streven naar een verblijfsvergunning. Met het voorgestelde maximum aantal punten van 900 per jaar, alsmede met het inzetten van een trajecttoevoeging wordt dit onzeker en in veel gevallen onhaalbaar.

Download de brief hier: Brief Adviescie A&I nav kabinetsreactie Rechtsbijstand

cialis tabletten

Tags: ,

Social

FacebookTwitterLinkedin
actie