• Het kabinet kan niet steeds meer regels maken,
    en de kosten bij de burger neerleggen.

  • Wordt een rechtszaak voor bijna 40% van alle Nederlanders te duur?

  • Nog meer bezuinigen op de rechtsbijstand?

Brief Deelname Orde aan pilots gefinancierde rechtsbijstand

Op 18 december 2013 heeft de Orde een brief gestuurd aan staatssecretaris Teeven waarin ze haar deelname aan de pilots versterking eerstelijn rechtsbijstand opzegt. Dit als reactie op de voorgenomen bezuinigingen op het stelsel van rechtsbijstand.

 

Ministerie van Veiligheid en Justitie
t.a.v. de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie
de heer mr. F. Teeven

Betreft: Deelname Orde aan pilots gefinancierde rechtsbijstand
Geachte heer Teeven,

Met de voorliggende brief informeert de Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten (hierna: de Orde) u over het besluit om – onder voorwaarden – de medewerking van de advocatuur aan de pilots ter versterking van de eerstelijns rechtsbijstand te hervatten. Dit besluit en de daaraan verbonden voorwaarden zijn in nauwe afstemming met de besturen van de VSAN en VSAA genomen.
Deelname Orde aan de pilots ter versterking van de eerstelijns rechtsbijstand.

Op dit moment vinden constructieve gesprekken plaats met die specialisatieverenigingen die het meest bij de beoogde pilots zouden moeten worden betrokken. Voor hernieuwde deelname bestaat op het moment een positief-kritische grondhouding; betrokkenheid vanuit de advocatuur lijkt gewenst om de aannames en uitgangspunten die zijn geformuleerd te kunnen verifiëren en waar nodig te weerleggen.

De deelname vanuit de advocatuur aan de pilots vindt onder een aantal duidelijke voorwaarden plaats:

1) Waar in de huidige opzet van de pilots wordt uitgegaan van de keuze voor een van de drie te toetsen varianten, zou expliciet in het model opgenomen moeten worden dat ook een uitkomst kan zijn dat geen van de drie pilotvarianten significante voordelen biedt. Die voordelen zouden, wat de Orde betreft – primair – kwaliteitsverbetering van dienstverlening aan rechtzoekenden en – secundair – een kostenbesparing betreffen. Er dient kortom een reële mogelijkheid te zijn, die ook onderzoekstechnisch wordt gefaciliteerd, om te besluiten om na de pilots alsnog een betere variant uit te werken. In de informele werkwijze zoals die bijvoorbeeld in Rotterdam al vorm heeft gekregen in samenwerking tussen Juridisch Loket en de advocatuur zijn daarvoor goede ingrediënten te vinden.

2) Voorts moet voor alle betrokkenen uitdrukkelijk voorop staan en zijn uitgesproken dat elke rechtzoekende adequaat moet worden bijgestaan, geadviseerd en/of verwezen wordt conform de huidige regelgeving. Er wordt in geen enkel geval al een voorschot op komende beperkingen genomen. Dit moet toetsbaar zijn, hetgeen betekent dat er (zaaks)inhoudelijke informatie beschikbaar moet komen over alle cliëntcontacten binnen de pilot en de stappen die worden gezet door de betrokken loketmedewerker/RvR-medewerker/advocaat. De informatie dient met de Orde te worden gedeeld; in dat verband is ook van belang te weten welke informatie van cliënten op dit moment door de Loketten wordt vastgelegd.

3) Daarnaast is een voorwaarde dat de Orde, met een vertegenwoordiging van de sociale advocatuur, deelneemt aan de stuurgroep en de deelnemende advocaten worden aangezocht op voordracht van de Orde en de sociale advocatuur.
Tenslotte moet ten aanzien van de pilots nog op een praktisch aspect gewezen worden, hetgeen ook in eerder ambtelijk overleg vanuit de Orde is benadrukt: de werving van voldoende advocaten voor elk van de drie varianten zoals wordt onderkend binnen de pilots is een complicerende component; in totaal zullen maar liefst 60 advocaten bereid en beschikbaar moeten worden bevonden om deel te nemen. In overweging zou daarom moeten worden genomen de drie nu geselecteerde pilot-locaties opnieuw te bezien.

Mogelijke alternatieve invulling taakstelling
Ten aanzien van mogelijke alternatieve invullingen van de beoogde taakstelling heeft de Orde zijn coördinerende rol uitdrukkelijk opgepakt. Dit vanuit de grondhouding dat de Orde, ongeacht zijn principiële en ongewijzigde standpunt dat een verdere taakstelling ten koste van het stelsel van de gefinancierde rechtsbijstand onaanvaardbaar is, een zekere medeverantwoordelijkheid voelt én daadwerkelijk draagt voor het behoud van het stelsel van gefinancierde rechtsbijstand. De toegang tot het recht dient immers voor alle rechtzoekenden op alle rechtsgebieden behouden te blijven. Het is vanuit dit uitgangspunt dat de Orde zich inzet om alternatieven in kaart te brengen. In de tweede helft van januari 2014 verwachten wij u nader inhoudelijk te kunnen informeren op dit punt.
Hoogachtend,
namens de Algemene Raad,

B.J.M. de Leest,
Portefeuillehouder Toegang tot het Recht

Tags: ,

Social

FacebookTwitterLinkedin
actie